Pruimenmot herkennen en bestrijden

Pruimenmot is een veel voorkomende plaag die veel schade kan aanrichten aan pruimen, kersen, abrikozen en perziken.

Schadebeeld pruimenmot
Fig.1 - Wormstekkigheid in pruimen.

Schadebeeld

De pruimenmot, Pomonella funebrana, kan ernstige schade toebrengen aan jonge vruchten van late pruimen, kersen, abrikozen en perziken. Door rupsen worden er boorgangen gemaakt in de vruchten. De vruchten blijven klein en vallen uiteindelijk af. Aan de buitenkant zijn de aangetaste vruchten te herkennen aan een harsachtig druppeltje op de plaats waar de larve de vrucht heeft verlaten.

De jonge larve is crèmekleurig, de volgroeide rups rozerood met een bruine kop. Op de afbeelding kun je op de linkerpruim een volgroeide rups zien met een duidelijk bruine/zwarte hoofd.

Pruimenmot bestrijden

Pruimenmot wordt bestreden met de feromoonval pruimenmot. Door middel van een deltaval met een lijmbodem en een feromooncapsule gaan we de mannelijke motten wegvangen. Als we de mannelijke motten hebben aangetrokken en weg hebben gevangen door de lijmplaat zullen deze de vrouwelijke motten niet kunnen bevruchten, die op hun beurt geen eieren kunnen afleggen. Zonder eieren geen rupsen en geen schade.

Deltaval voor bestrijding van pruimenmot
Fig.2 - Feromoonval tegen pruimenmot.

De eerste twee jaar spreken we over vangjaren, waarbij we enorm veel motten wegvangen. Pas vanaf het derde jaar ga je nog maar weinig tot geen schade meer ondervinden en heb je de pruimenmot bestreden. De deltaval moet maar eenmalig aangekocht worden, de feromooncapsules en lijmplaten kunnen afzonderlijk elk jaar worden bijgekocht. We bekomen een goedkope, effectieve, biologische en natuurlijke bestrijding van de pruimenmot.

De pruimenmotval moet vanaf eind april uitgehangen worden om de eerste motten te vangen.

Cyclus pruimenmot

De pruimenmot is een nachtvlinder, 8 mm groot, grijs-bruin gekleurd met blauwpaarse vlekjes. De volwassen motten verschijnen eind april. De vrouwtjes leggen kleine doorzichtige eitjes op de vruchten en de bladeren van pruimenbomen vanaf begin mei. De jonge larve is crèmekleurig, de volgroeide rups rozerood met een bruine kop. Aangetaste vruchten zijn te herkennen aan een harsachtig druppeltje op de plaats waar de larve de vrucht heeft verlaten. De vroegste rupsen kunnen al in juni verpoppen en dan nog een tweede generatie geven. De late rupsen verpoppen pas het volgende jaar vanaf eind april-begin mei. Vanaf november tot april overwinteren de volgroeide rupsen als cocon achter de schors of in de grond. Bestrijden kan met behulp van een deltaval met bijhorende feromooncapsule tegen de pruimenmot, Pomonella funebrana. De feromoonval pruimenmot wordt om deze reden eind april uitgehangen.

Alle afbeeldingen, teksten zijn copyright beschermd en mogen nooit zonder toestemming in geen enkele vorm gebruikt worden!

Categorieën: Ziekten en Plagen