barende bladluis biogroei

Deze tijd van het jaar zijn de bladluizen weer talrijk. Velen onder ons spannen dan ook de jaarlijkse strijd aan tegen deze schadelijke insecten. Sommigen spijtig genoeg nog altijd met chemische middelen, anderen met biologische – ook niet altijd onschadelijke - middelen en nog anderen met nuttige insecten zoals larven van Chrysopa en lieveheersbeestjes.

Uiteraard zijn we de grootste voorstander om te werken met de nuttige insecten, zo vergroot je hun populatie in de natuur en blijven er geen schadelijke residuen achter. Maar enkel daarmee lossen we het probleem niet op. Wat moeten we wel doen om te vermijden dat we jaarlijks deze strijd moeten voeren?!

Insectenbiotopen creëren

Wilde bloemenweiden en inheemse hagen vormen belangrijke insectenbiotopen. De aanwezigheid van wilde planten en kruiden bepaalt of er al dan niet veel nuttige insecten worden aangetrokken. Pollen en nectar zijn immers de belangrijkste voedingsbron voor volwassen insecten zoals zweefvliegen, sluipwespen en gaasvliegen.

Trouwens uit onderzoek bleek dat zelfs lieveheersbeestjes meer worden aangetrokken door bloemen met pollen en nectar omdat zij dan een alternatieve voedingsbron hebben in tijden van voedselschaarste (tekort aan bladluizen).

Wilde bloemen en kruiden zijn evenwel ook gastplanten voor de schadelijke insecten zoals bladluizen, tripsen, witte vlieg e.d. Wilde kruiden trekken gemiddeld tussen de 100 en 300 insecten/m² aan. Hiervan zijn ongeveer 65% plantenetende (fytofagen) insecten. De overige 35 % bestaat uit predators of parasitoïden, natuurlijke vijanden dus.

Een stukje wilde bloemenweide in de Biogroei-tuin

Maar is het wel zinvol om zoveel schadelijke insecten aan te trekken?

Zeker en vast! De wilde bloemen en kruiden trekken beiden aan. Een bloemenperceel is een permanent gegeven, wat betekent dat er ook een evenwicht in kan ontstaan en dat maakt het super interessant. Op die manier heb je de nuttige insecten altijd in de buurt, ook als op groenteplanten of sierplanten bladluizen komen. Bovendien zijn de plaaginsecten die aanwezig zijn op wilde bloemen en kruiden, niet noodzakelijk schadelijk voor onze cultuurgewassen. Elke bladluissoort heeft immers specifieke waardplanten.

Verwijder je de wilde bloemen uit je tuin, dan gaan zowel de nuttige als schadelijke insecten verdwijnen. Je hebt dus geen natuurlijke vijanden meer in je buurt op de moment dat je tuinplanten worden aangetast. En je moet dus zelf ingrijpen!

Voor inheemse hagen geldt hetzelfde: ze vormen een belangrijke schakel in ons ecosysteem. Net als bij wilde bloemenpercelen, hebben ze een grote aantrekkingskracht op nuttige insecten en vogels wat de bladluisbestrijding ten goede komt. Ook hier geldt de wisselwerking: hagen fungeren als gastheer voor bladluizen maar evengoed voor de nuttige insecten. Dus positief als je ze allebei hebt. Hierover vertel ik je in het najaar meer.

Welke kruiden zijn het meest interessant?

Uit onderzoek is gebleken dat niet alle wilde bloemen en kruiden even interessant zijn. Er is in het algemeen een groot verschil in aantrekkingskracht op nuttigen.

Zo bleek dat op vlas en gewone smeerwortel zeer weinig insecten (schadelijke en nuttige) voorkomen, minder dan 15/m² terwijl op boerenwormkruid, koolzaad en de grote klaproos zeer veel insecten kunnen voorkomen, soms zelfs meer dan 500/m²!

We bekijken in dit kader welke kruiden het meest interessant zijn voor de natuurlijke vijanden van bladluizen zijnde lieveheersbeestjes, gaasvliegen, sluipwespen en zweefvliegen.

    Een zweefvlieg op weg naar komkommerkruid
  • Lieveheersbeestjes
  • Uit onderzoek blijkt dat lieveheersbeestjes niet houden van klavers, kleine pimpernel, glad walstro, wilde tijm en Phacelia. Wat ze zeer aantrekkelijk vinden: grote brandnetel, luzerne, middelste teunisbloem, peen, gewone smeerwortel en stalkaars.

  • Gaasvliegen
  • Voor de gaasvliegen zijn de ruwbladigenfamilie en de papaverfamilie het meest aantrekkelijk. Zeker voor de afleg van hun eitjes verkiezen ze behaarde en grote bladeren boven kleine, wasachtige blaadjes. Bernagie of komkommerkruid is voor de gaasvlieg de meest aantrekkelijke plant om eitjes af te leggen. Verder zijn de lipbloemigen en vlinderbloemigen aantrekkelijk als voedselbron voor de volwassen insecten.

    Het langlijfje Sphaerophoria scripta op doorgeschoten pastinaak in de Biogroei-tuin
  • Zweefvliegen
  • De volwassen zweefvliegen zijn net als gaasvliegen volledig aangewezen op pollen en nectar. Belangrijk is vanaf eind februari tot in de late herfst bloeiende bloemen te hebben. Interessant zijn alle bloemen met een ondiepe en open vorm: akkerviooltje, herderstasje, phacelia, raapzaad, margriet, zevenblad, korenbloem, bernagie, middelste teunisbloem, pastinaak, wilde chichorei.

  • Sluipwespen
  • Deze natuurlijke vijanden worden aangetrokken door de bloemen uit de composietenfamilie (zeer grote familie) en Brassica familie. Phacelia, gewone hennepnetel, luzerne, korenbloem, bernagie en koolzaad kunnen tot 40 sluipwespen per m2 aantrekken.

Ikzelf plant Oost-Indische kers tegen bladluis!

Iedereen die veel tuiniert, heeft al gehoord dat het zinvol is om Oost-Indische kers in je moestuin te planten om als vangplant te fungeren tegen zwarte bonenluis. Daarmee zou je je luizenprobleem oplossen. Toch veel eenvoudiger dan bloemenweiden en hagen! Maar klopt dit ook?

Oost-Indische kers, een waardplant van zwarte bonenluis

Bladluizen hebben altijd zomer- en winterwaardplanten d.w.z. specifieke planten waar ze in de zomermaanden op vertoeven en specifieke planten waar ze hun wintereitjes op afzetten. Voor zwarte bonenluis is Kardinaalsmuts de winterwaardplant en Oost-Indische kers één van de vele zomerwaardplanten van zwarte bonenluis. Je leest het goed, Oost-Indische kers is één van de zomerwaardplanten. Het is dus geen zekerheid dat je enkel met Oost-Indische kers je tuinbonen of andere bonen van zwarte bonenluis vrijwaart. Bovendien als je beide soorten planten in je tuin hebt staan, maak je voor hen de waardwisseling erg eenvoudig en ga je dus altijd zwarte bonenluis in je tuin hebben. Je begrijpt hieruit dat het onvoldoende is om een waardplant van één soort bladluis te zetten.

Conclusie: het enige wat echt werkt is een natuurlijke evenwicht creëren in je tuin zodat er altijd nuttige insecten zijn maar ook bladluizen. Als er voldoende natuurlijke vijanden zijn, zal je niet eens merken dat er ergens bladluis op zat, zo vlug worden ze opgegeten door het legertje nuttigen !