Economische schade door bladluizen?

Virusoverdracht door bladluizen veroorzaakt de grootste economische schade bij de boeren.

Elke plant kan door één of meerdere virussen worden aangetast. Gezien virussen niet buiten een gastheer kunnen leven, hebben ze voor hun verspreiding in gewassen een specifieke overbrenger nodig. Dit kan via insecten waaronder bladluizen, witte vliegen en trips maar ook bodem- of andere schimmels, stuifmeel, via het enten of zaad. Bladluizen zijn perfecte virusoverbrengers.

Je hebt 2 manieren waarop virussen door bladluizen worden overgebracht:

  • Niet-persistente (of non-persistente) virussen zijn virussen die door aanraking of mechanisch worden overgebracht. De bladluis kan na een zieke plant te hebben geprikt, dit overbrengen op andere gezonden planten die ze aanprikt. Tijdens de korte celpunctie wordt speeksel van de besmette bladluis in de cel geïnjecteerd en daarmee worden nieuwe planten geïnfecteerd. Na korte tijd (1 à 2 u) is de bladluis terug virus-vrij.
  • Persistente virussen zijn virussen die pas worden overgebracht door bladluizen na een tijdelijk verblijf in de spijsverteringsorganen van de bladluis zelf om nadien via het speeksel van de bladluis in de plant terecht te komen. Een eenmaal besmette bladluis blijft haar leven lang dit virus overdragen.

De meeste virussen veroorzaken groeiremming of verkleuring (schakeringen) in verschillende plantendelen. De meest gekende en gevreesde virussen zijn deze die door de groen perzikluis op aardappelen worden overgebracht. Maar ook slaplanten, spinaziebladeren en blad van druivelaars kunnen geïnfecteerd worden door virussen en geven de typische bladverkleuringen. Ook het tomatenmozaïekvirus is erg geducht bij de telers.

Categorieën: Bladluizen